You are here

Eliosys is van plan om gebruikte fotovoltaïsche modules te herwaarderen.

Het Waalse onafhankelijk laboratorium heeft duizenden modules geanalyseerd die voorzien waren om te worden gerecycleerd. Conclusies : de helft ervan is herbruikbaar. En kan opnieuw worden ingezet in een nieuwe Europese industriële sector.

Komende van het departement materiaaltechniek van de ULg heeft Julien Thiry in 2009 het Eliosys testlab opgericht, dat zich bezighoudt met zonne-energietechnologieën. Sindsdien volgt er hij als bestuurder nauw de ontwikkeling op van fotovoltaïsche (PV) modules op de markt. Julien Thiry richt zich nu op de mogelijke herwaardering van gebruikte modules. Een interview.

Jean Cech (Hernieuws) : In de zonne-industrie zijn de fabrikanten het gewoon om twee cijfers te noemen om de levensduur van zijn producten mee te geven : een gegarandeerde efficiëntie gedurende twintig jaar, waarna de prestaties slechts 80% bedragen van de iniitiële waarde. Klopt      dit ?

Julien Thiry (Eliosys) : Enerzijds ontbreekt het ons aan een verleden om volledig en juist te reageren op deze kwestie. Wat zeker is, is dat de levensduur zal afhangen van de strenge voorschriften die werden gevolgd bij het ontwerp van de modules en de nauwgezetheid bij de installatie ervan. Als alles binnen de regels van de techniek en volgens de aanbevelingen van de fabrikant werd gedaan, dan lijkt mij twintig/vijfentwintig jaar heel realistisch. Maar de productietechnieken zijn veranderd in de loop der tijd. In eerste instantie werd alles met de hand vervaardigd, voornamelijk in Europa, met een handvol bedrijven. Dit is helemaal niet meer het geval vandaag de dag. De manieren, methodes en materialen zijn veranderd. Onze versnelde verouderingstesten echter geven ons een goed beeld van de kans op veroudering van de panelen.

J.C. : Dus je hebt een idee van wat bijdraagt ​​aan of de veroudering van PV versnelt ?

J.T. : Ja en nee. Want als je praat over « fotovoltaïsche systemen » dan gaat dit over alle gebruikte technologieën. En ze zijn vandaag de dag heel talrijk en erg verschillend. Maar een PV cel, wat het ook is, is altijd gebaseerd op een halfgeleider. Dit elektronisch element, geïnstalleerd op een dak, moet het hoofd bieden aan een hele reeks weersomstandigheden: wind, regen, hagel, vocht, kou, hitte ... Het zijn deze elementen die objectief zullen bijdragen aan de veroudering van de module. Maar er zijn andere die niet direct merkbaar zijn : iemand kan per ongeluk het paneel hebben beschadigd zonder het te beseffen, door er op te stappen bijvoorbeeld. Een cel kan ook gebroken zijn onder het glas zonder dat dit opvalt behalve in het laboratorium. En na verloop van tijd zal deze degradatie, die in het begin onbelangrijk leek, de werking van het gehele paneel beïnvloeden en zorgen voor een vermogensverlies van de module. in het algemeen praten we ongeveer over 0,5 tot 1,2% per jaar. Wat uiteindelijk leidt tot het cijfer geciteerd door de fabrikanten.

J.C. : De fameuze daling van 20% in de prestaties na twintig jaar, dus ...

J.T. : Precies. Maar let op : al die grafieken die men u voorlegt hebben niets wetenschappelijks. Het is een commerciële illustratie. Wetenschappers zijn veel voorzichtiger. In feite weet men niet echt hoe dit evolueert over een tijdspanne van veertig of vijftig jaar. We kunnen dit hooguit evalueren, door middel van specifieke tests, of de module in kwestie goed of slecht veroudert. Maar je moet ook weten dat veel fabrikanten wijzigingen hebben aangebracht aan hun formule met als doel te slagen voor deze test.

J.C. : Een beetje zoals VW voor CO2 -emissies en het brandstofverbruik ?

J.T. : Ik zou misschien niet zo ver gaan, maar het aanpak is vergelijkbaar : het is om ervoor te zorgen dat, niet dat het product het beste is op het gebied van het milieu, maar het beste is ... op de test.


Sneeuw, regen, mist, hagel, verzengende hitte, extreme koude, ... Eliosys kan kunstmatig de klimatogische omstandhigheden in het laboratorium nabootsen om de weerstand van fotovoltaïsche modules te testen.

De beperkte vermogen van het onderhoud

J.C. : Kan deze veroudering worden vertraagd door middel van een aangepast onderhoud of is dit onvermijdelijk ?

J.T. : Eigenlijk is dit onvermijdelijk. Maar door het onderhoud daarentegen zal men een defect kunnen opsporen voordat dit groter wordt. Als één module defect is, heeft dat ook gevolgen voor alle andere modules. Het gaat meer over het behoud van de kwaliteit van de initiële installatie dan het voorkomen van de veroudering ervan. Ook al is het duidelijk dat door het regelmatig reinigen van de panelen, u de hot spots vermijdt die ervoor zorgen dat het materiaal sneller veroudert.

J.C. : Goed. We komen terug op de levensverwachting van twintig jaar. Wat moeten we dan doen ?

J.T. : Laten we daarover eerst de vaststelling onthullen die wij hebben gedaan. Bij de ontmanteling van steeds meer installaties – omwille van een vervanging van de bedekking of omdat men de prestaties niet meer voldoende vindt – constateert men over het algemeen dat de panelen nog in goede staat zijn. Er zijn meestal 1 of 2 modules die buiten dienst zijn of defect, maar bij gebrek aan informatie, gaan we ervan uit dat het hele systeem defect is en dat alles moet worden vervangen. Eigenlijk gaan we 39 modules afkeuren waar in onze tests geen defecten op werden vastgesteld en die bijna niets in prestatievermogen hebben ingeboet, onder de voorwendsel dat de 40e defect is. Nu is het niet ongewoon dat het over installaties gaat van minder dan 10 jaar of zelfs 5 jaar.

Waarom 39 modules vervangen, met het argument dat het 40e kapot is ?

De helft van de modules zijn herbruikbaar

J.C. : Vandaar uw project om de beste elementen terug te plaatsen in het circuit in plaats van ze op te sturen voor recyclage of naar de schroothoop.

J.T. : Precies. We hebben afgesproken met het bedrijf RECMA, dat verantwoordelijk is voor de recyclage van de afgedankte panelen, om alle modules die blijkbaar intact zijn gebleven eruit te halen en ze te hergroeperen – het waren er duizenden – en ze ons toe te vertrouwen voor analyse. De resultaten hebben ons geschokt. We hebben ontdekt dat een meer dan een derde van de modules bedoeld voor recyclage deze tests zeer goed doorstonden. Een module op vijf kon perfect worden geïntegreerd in een nieuwe set. En meer nog, als men de moeite zou nemen om de demontage en het vervoer zorgvuldiger uit te voeren, wat zelden het geval is als de apparatuur bestemd is voor de afvalsector. Volgens ons is 50 tot 60% van de afgedankte modules herbruikbaar.

J.C. : Op voorwaarde dat klanten, die al sceptisch zijn over nieuwe installaties, zich laten overhalen om mee te gaan in een « tweedehands » formule !

J.T. : Klopt. Daarom hebben we een kleine enquête afgenomen bij potentiële gebruikers. De meest groene van hen waren geïnteresseerd, maar we hebben over het algemeen een zekere weerstand ondervonden over kwesties als garantie op betrouwbaarheid, toegang tot premies, enz. We zijn tot de conclusie gekomen dat het beter was om toepassingen te verkopen in plaats van modules. Bijvoorbeeld de verkoop van toegang tot water aan Marokkaanse boeren in plaats van PV-systemen. Dat de modules niet allemaal dezelfde kleur hebben of dat het rendement op 90 of 80% ligt van hun potentieel is hier onbelangrijk : het gaat erom dat ze het water op elk ogenblik van de dag naar boven kunnen halen aan lagere kosten. Deze toepassingen zijn ook mogelijk in België, bijvoorbeeld op de campings of stortplaatsen.

Een industriële project met toegevoegde waarde

J.C. : Laten we inderdaad over de prijs spreken : inzameling, demonteren, testen, installatie  van de panelen, transport ... de kosten zijn niet te verwaarlozen ...

J.T. : We zijn momenteel halverwege het project, maar ons doel is om een ​​prijs te bekomen die 50% lager ligt dan de Chinese panelen.

J.C. : Komt er dan nog bij dat een dergelijk project uit het recyclageproces onmiddellijk de gemakkelijkste realiseerbare stromen zal halen. Dit zal niet voldoende zijn voor de recycleerders, dit ...

J.T. : Dat is waar. Maar we moeten rekening houden met de hiërarchie van de afvalverwerking : met hergebruik staan ​​we op een hoger niveau. Lang voor de recyclage en de verwijdering. Deze aanpak heeft inderdaad een goede reden tot bestaan en heeft een ecologisch belang.

J.C. : We hebben het hier dus eerder over een downcycling, die niet kan worden uitgesloten in een aanpak van een circulaire economie. Maar riskeert men met de focus op landen zoals Marokko of Afrika niet om slechte herinneringen op te roepen wat betreft « toeristisch » afval  ... ?

J.T. : Dit is een reëel probleem. Maar het is vooral omdat we hier altijd zoveel moeite hebben om overeen te komen over wat echt afval is. Kunnen we een paneel echt als afval beschouwen als het een verlies heeft van slechts 5 of 10% op zijn initieel prestatievermogen ? Bovendien heeft men hier eigenlijk te maken met industriële projecten die een Europese meerwaarde hebben. Het is niet de bedoeling om van verouderd materiaal « af te geraken » aan minder strenge landen, maar om een nieuwe pad te openen met Europese kennis en technologie. Er zullen hier zodanig veel middelen in geïnvesteerd worden dat het spijtig zou zijn om het te beperken tot een afvoerkanaal voor afgedankte zonnepanelen.

Catégorie: 
Technologies
Filière: 
8

Om verder te gaan