You are here

Binnenkort prijs voor CO2-voetafdruk ?

De CO2-prijs is terug van weggeweest in de debatten van de post COP21 en 22. De nationale actoren moeten nu dit instrument opnemen in hun klimaatstrategie. In België zijn er twee gebeurtenissen die deze actoren mobiliseren.

Europa lanceerde het idee twintig jaar geleden met de ondertekening van het Protocol van Kyoto (1997), dat in 2020 ten einde loopt.  Zij verloor op dat gebied haar leidersrol door het instorten van de CO2-uitstoot quota (de CO2-prijzen zakten met meer dan 50% sinds eind 2015 tot ongeveer 4 euro vandaag de dag). Ten slotte heeft deze Europese emissiehandelsmarkt (EU ETS) haar efficiëntie in het beïnvloeden van het koolstofvrij maken van onze economieën niet bewezen.

Ondertussen hebben meer dan 40 landen en meer dan twintigtal steden, staten en provincies, wat neerkomt op bijna een kwart van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen (BKG)  nieuwe vormen van CO2-markten of verschillende typen van CO2-prijzen voorbereid of ingevoerd. Tientallen andere actoren stellen dit mechanisme voor als instrument om hun klimaatdoelstelling te bereiken in het kader van de Overeenkomst van Parijs.

Bovendien maken de Belgische milieuorganisaties er één van hun belangrijkste beleidsaanbevelingen van in hun scenario, onze energietoekomst 2016: "Het is noodzakelijk om op korte termijn werk te maken van een CO2-prijs die hoog genoeg is op Europees en Belgisch niveau.

Nu is een meerderheid van de actoren, met inbegrip van industriëlen, die het slachtoffer zijn van deze klimaatstrategie, van mening dat de invoering van een CO2-prijs waarschijnlijk de meest effectieve hefboom is voor de transitie naar een koolstofarme samenleving. En ook al is er op dit niveau geen bindend formeel besluit genomen op de recente COP22, het onderwerp was er alomtegenwoordig.

Het is dus niet echt verwonderlijk dat deze kwestie hoog op de agenda staat op de eerste twee grote evenementen die er bij ons in 2017 over worden georganiseerd.

Twee Belgische evenementen die zich focussen op CO2-prijs

Het eerste evenement, een initiatief van de Minister Marghem en onder leiding van het ministerie van klimaatswijziging van de FOD Leefmilieu, lanceert op 27 januari, een breed nationaal debat over de CO2-prijs in België. Het debat dat in 2017 in fases wordt georganiseerd, op een manier waarbij alle actoren worden betrokken - politieke, maatschappelijke organisaties, het bedrijfsleven, de vakbonden, ... – en betrokken sectoren. Doel: Een analyse en debat over de verschillende manieren om een prijs te zetten op de CO2-uitstoot in sectoren die niet onder de EU-ETS (Kyoto) regeling vallen, voornamelijk  transport en gebouwen.

Het tweede evenement past in een uitgesproken lokale (en regionale) aanpak en bottom-up. Het vindt plaats op 19 januari met als thema: Brussel, koolstofvrij; oplossingen voor het versnellen van de  energierevolutie. Dit ligt eveneens in lijn met de gewenste koolstofarme strategie in de internationale onderhandelingen en met het engagement van België in de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen van 80 tot 95% in 2050. Gedurende 1 dag zal men een overzicht geven van de instrumenten die beschikbaar zijn op het niveau van het Brussels gewest om de energie-efficiëntie te doen stimuleren en de decentrale energieproductie te ondersteunen. Op gewestelijk niveau, maar ook door een aanpak op individueel en lokaal niveau.

Een dimensie waarover Georgin Thibaut, voorzitter van Energiris en moderator van het debat met de deelnemers, ons zijn standpunt gaf.

« Burgers hebben een belangrijke instrument voor de CO2-voetafdruk van de Brusselse samenleving. »

Jean Cech (Hernieuws) : De ambitieuze klimaatdoelstellingen van Brussel gaan uit van een brede betrokkenheid van alle spelers. Een CO2-vrije stad, is dit een doelstelling die zinvol is binnen een populatie zoals die van Brussel ?

      Thibaut Georgin (Energiris) : De overgang naar een koolstofarme samenleving is typisch het onderwerp waarin burgers de neiging hebben om te denken dat het de verantwoordelijkheid is van anderen om de eerste stap te zetten. In het algemeen de politiek verantwoordelijke, bedrijven, etc ... De eerste uitdaging is dan ook om de burger ertoe te brengen om zijn deel van de verantwoordelijkheid op te nemen en om het kwestie terug aan te pakken. We weten allemaal dat een koolstofarme samenleving perfect mogelijk is. Er zijn genoeg studies om het te bewijzen. Maar het is duidelijk dat gepaard gaat met aanzienlijke investeringen.

Maar vandaag de dag, bedraagt in heel België, het totale vaste activa van de huishoudens ongeveer 230 miljard euro (238 miljard euro eind 2016, volgens De Tijd van 3 januari 2017) grotendeels opgebouwd door spaarboekjes die niet veel opbrengen. De burgers hebben dus een belangrijk instrument voor de CO2-voetafdruk van de Brusselse samenleving

J.C. : We dienen hen dan enkel nog te overtuigen om dit instrument te gebruiken ...

T.B. : Dit is duidelijk die benadering die we hanteren in een burgerinvesteringsfonds zoals Energiris. Wij geven hen de mogelijkheid om iets zinsvols te doen met hun spaargeld. Niet per sé voor het totaal beschikbaar bedrag, want je moet kunnen diversifiëren, maar wel voor een aanzienlijk deel ervan. Een investering die trouwens meer zal opbrengen dan dat nu met een spaarrekening het geval is. En met de garantie dat deze investering ook bijdraagt tot een koolstofarme transitie.

J.C. : Maar met opbrengsten die bescheiden blijven en een risiconiveau dat hoog kan lijken in vergelijking met criteria in de financiële sector...

T.B. : Wat betreft het rendement is de huidige situatie in de banken onduidelijk. Voor ons om aan te tonen dat de risico's goed onder controle zijn en niet groter zijn dan diegene waarmee de investeerder zal worden geconfronteerd op de traditionele financiële markt.

J.C. : Lets dat trouwens moeilijk aan te tonen is dezer dagen ... ?

T.B. : Inderdaad, het heersende discours draagt niet echt bij. Neem nu het wetgevend kader. In België ziet u net als ik dat dat zeer snel verandert. Eerst wordt deze technologie gestimuleerd. Twee jaar later, wordt er een heffing op ingevoerd om de schatkist te vullen, dat plotseling een beweging  doet afremmen die amper op gang was gekomen. Al deze wijzigingen zijn voor investeerders de zoveelste klap.  Ook op gebied van gedrag zullen sommige exploitanten tegenstrijdige berichten verspreiden die het enthousiasme van mensen die reeds in de goede richting uitgingen plots toen temperen. Kijk maar naar de gevolgen van wat men de "fotovoltaïsche bubble" heeft genoemd waar door de reactie van de overheid een hele sector in twijfel werd getrokken. Een sector waar technologisch gezien niets op aan te merken valt.

J.C. : Maar hoe kan men een dergelijke ontsporing voorkomen ?

T.B. : Wat er het meeste ontbreekt is coherentie in de visie die men de mensen aanbiedt. Wat ik ter discussie stel, zijn het niet zozeer de inschattingsfouten, die vaak onvermijdelijk zijn in een nieuwe en complexe wereld. Noch de tegenmaatregelen die zij kunnen opleggen. Het is het politieke en mediaspel dat er op volgt. Men zou over bepaalde strategische thema's in staat moeten zijn om – voor eens en altijd – de politieke verschillen en het gekibbel tussen de partijen aan de kant te zetten. Omdat de doelstelling prioritair is. We zijn het allemaal eens over de noodzaak van een transitie en over de technologische vectoren die de transitie het beste kunnen stimuleren. De uitdagingen verdienen beter dan kleine overwinningen van het ego. Was het maar omdat dat energie-onafhankelijkheid een belangrijke economische uitdaging is. Ik denk dat we ons allemaal kunnen vinden achter een gemeenschappelijk doel van koolstofvrije samenleving.

J.C. : Het politieke spel is wat het is ...

T.B. : Men speelt meer en meer met het idee om een bepaald aantal bevoegdheden te herfederaliseren die door de regionalisering op het punt staan ons te bestraffen. Als er een onderwerp is waar deze évolutie noodzakelijk is  – en niet alleen op Belgisch niveau, maar ook op Europees niveau – dan is het die van de energietransitie en het beheer van energie op de schaal van een continent.

J.C.: Wat zou in dit verband de grondgedachte moeten zijn die u er uit zou willen zien komen in dit debat ?

T.B. : Ik denk dat we op een moment zijn gekomen waar een aantal zaken ons doen inzien dat we moeten stoppen met kortzichtig te zijn. Het debat over het koolstofvrij maken van een maatschappij moet op een hoger niveau getild worden dan het politiek gekibbel waar iedereen zich slimmer dan de andere probeert op te stellen.  Er bestaat vandaag geen waarheid die zich opdringt boven alle andere – de fotovoltaïsche zonne-energie  tegenover grijze energie – maar we moeten op een gegeven moment stoppen met de retoriek en aan de slag gaan. Als het is om te blijven debatteren, elk met zijn eigen verhaal, dan hebben we al onze tijd verspild.

Catégorie: 
Actualité Belgique
Filière: 
0